Main content

Geschreven door Nevanji Madanhire, vertaald door Christy de Back

Elizabeth ploft neer op haar stoel. Ze ziet er moe en een beetje onverzorgd uit. In haar baan als peuterleidster past ze op de jonge kinderen van de rozenpluksters die lange werkdagen maken op bloembedrijven in Zimbabwe. “Ik ben hier in 2007 komen werken als rozenplukster in de kassen. Maar toen de peuterschool en kinderopvang werden geopend ben ik als leidster aan de slag gegaan. Ik had jaren daarvoor een opleiding tot peuterleidster gevolgd.”

Elizabeth (44) heeft drie kinderen. Twee daarvan zitten op de basisschool en de jongste zit nog op de peuterschool. Haar maandloon is 17 US dollar. Nadat ze haar vakbondslidmaatschap heeft betaald, houdt ze nog maar 14,40 US dollar over. “Dat is gewoon niet genoeg,” zegt ze met een wrange glimlach. “Ik kan geen extra eten kopen voor mijn gezin, dus we moeten het doen met de zak maïsmeel van 10 kilo en de bonen die we iedere maand van mijn werkgever krijgen.”

Zonder ontbijt naar school

“Mijn kinderen gaan vaak zonder ontbijt naar school,” vertelt ze. “Ze hebben ’s ochtends pap nodig, maar dat kunnen we niet de hele maand lang betalen van mijn te lage loon. We proberen twee maaltijden per dag te maken met de maïsmeel die we krijgen. En we maken maheu, een drankje met mout en maïsmeel dat we laten fermenteren. Dat is ons enige tussendoortje.”

Een maandloon van 120 US dollar zou volgens Elizabeth wel een leefbaar loon zijn. “Een leefbaar loon verdienen zou voor mij betekenen dat ik gevarieerde voeding voor mijn kinderen kan kopen. Zodat ze niet alleen maar maïspap hoeven te eten – twee keer per dag. Dan zou ik boeken voor mijn kinderen kunnen kopen. En dan had ik geld voor de bus voor ze. Nu moeten ze heel ver lopen naar school. Eén van hen is laatst onwel geworden in de klas – vanwege de honger.”

Ze is heel sceptisch over de toekomst. “Ik zie hier geen toekomst voor ons. Ik wil niet dat mijn kinderen hier ook gaan werken als ze hun schoolopleiding hebben afgerond. Ze hebben beter onderwijs nodig. Ik wil me zelf ook verder ontwikkelen en doorleren.”

Een vicieuze cirkel

Elizabeth beschrijft hoe veel gezinnen gevangen zitten in een vicieuze cirkel. Van generatie op generatie werkt men in de grote bloemenkwekerijen. Men kan nergens anders werken door het gebrek aan goed onderwijs. “Mijn moeder werkte hier, en ik werk nu ook hier. Maar ik wil niet dat mijn kinderen hier ook gaan werken.”

De vakbond heeft in oktober 2019 een loonsverhoging afgedwongen, maar die is nog niet doorgevoerd in de praktijk. “Ons maandloon wordt uitgehold door inflatie,” legt de peuterleidster uit. “Als de werkgever ons loon in contanten zou uitbetalen, konden we wat eten kopen op de markt. Daar zijn de prijzen nog redelijk. Maar nu kunnen we alleen eten kopen in supermarkten, met onze bankpas, omdat het loon op onze bankrekening wordt gestort. En supermarkten zijn heel duur.”

Verhalen van andere rozenpluksters

Lees het verhaal van Eunice Ama, rozenplukster in Kenia
"Met een leefbaar loon kan mijn familie gezond eten."

Lees het verhaal van Dorcas Zvanyadza, rozenplukster in Zimbabwe
“Met een leefbaar loon zouden mijn kinderen en ik gevarieerder kunnen eten."

Lees het verhaal van Fatuma Murugi, rozensoorteerder in Kenia
"Met een leefbaar loon kan ik een veilige woning betalen."

Lees het verhaal van Mercy Njeri, rozenplukster in Kenia
"Met een leefbaar loon kan mijn zoon naar school."