Main content

Geschreven door John Muchangi, vertaald door Christy de Back

Eunice Auma werkt al acht jaar voor dezelfde bloemkwekerij. Ze vermoedt dat ze hier haar hele leven zal moeten blijven werken omdat ze leningen heeft afgesloten die ze moet terugbetalen. Ze vertelt over haar lange werkdagen: “Er is altijd veel te veel werk in de maanden voor Valentijnsdag. Soms ben ik zelfs pas na middernacht klaar, terwijl ik al om half 8 of 9 uur ’s ochtends begin met werken.”

Karagita is de wijk waar Eunice woont. Het is een uitgestrekte, arme buurt langs de doorgaande weg Moi South Lake Road, ongeveer 10 km van Naivasha stad. Ze ziet haar kinderen vrijwel nooit in de periode van oktober tot aan het einde van het Valentijnsdagseizoen. Eunice: “Als ik thuis kom, dan slapen mijn kinderen al. En ’s ochtends zijn ze al naar school als ik naar mijn werk moet. We zien elkaar dus niet vaak. Soms zie ik het niet eens als mijn kinderen ziek worden, want we brengen zo weinig tijd met elkaar door dat ik de signalen niet herken. Mijn kinderen zijn nu 2, 7 en 17 jaar. Vooral de jongste zie ik heel weinig, omdat die meestal bij de dagopvang is.”

Onderwijs voor mijn drie kinderen

Ook al is het maandloon van Eunice de laatste jaren wel iets gestegen, het is zeker niet genoeg. “Mijn maandloon is nu 110 US dollars. Ik vraag vrijwel iedere maand om een voorschot van 20 US dollar om eten van te kunnen kopen op rekening bij een winkel vlakbij waar we wonen. Onlangs heb ik 1500 US dollar moeten lenen om onderwijs voor mijn kinderen te kunnen betalen.”

Zoals veel van de rozenpluksters in Naivasha heeft ook zij een streefloon dat ze graag zou willen verdienen. “Als ik 200 US dollar per maand zou verdienen, dan hoefde ik geen geld meer te lenen. Dan zou ik net rond kunnen komen. Als ik 200 US dollar zou verdienen, dan hoefde ik me geen zorgen meer te maken. Ik zou dan ook wat kunnen investeren in mijn eigen bedrijf om wat extra inkomsten te genereren. Als mijn bedrijf goed zou lopen, zou ik mijn huidige baan opzeggen. Dat zou veel beter zijn dan mijn werk in de bloemkwekerij.”

Een leefbaar loon

Eunice vertelt dat ze met een leefbaar loon haar werk in de bloemkwekerij beter zou doen. “Dan zou ik meer energie hebben. En dan had ik veel minder stress. Als je je zorgen maakt om geld, en als je geen rust hebt in je hoofd, dan ben je makkelijk afgeleid. Ik probeer mijn hoofd boven water te houden, en voor mijn gezin te zorgen. Soms meld ik me ziek terwijl ik niet ziek ben, want dan heb ik tijd voor een bijbaan zoals kleding wassen van andere mensen tegen betaling.”

Betere voeding

Als Eunice een leefbaar loon zou krijgen, dan zou ze betere voeding voor haar gezin kunnen betalen. “Nu eten we maar één keer per maand vlees, meestal nadat ik mijn maandloon krijg. De rest van de maand eten we meestal ugali (maïspap) en sukuma wiki (boerenkool). Ik zou zo ontzettend graag willen dat ik me geen zorgen meer hoefde te maken over de basisbehoeften van mijn gezin.”

Betere arbeidsomstandigheden en een leefbaar loon zouden veel beter zijn voor de hele bloemensector. “Het zou ook heel goed zijn voor de werkgevers zelf als de bloemkwekerijen betere omstandigheden voor hun werknemers zouden creëren. Dankzij ons blijven hun bedrijven namelijk goed draaien. Ik ben blij dat ik lid ben van de actieve vakbond in mijn kwekerij. We vechten al jaren voor betere lonen. Gelukkig krijgen we nu ieder jaar een kleine loonsverhoging.”

Verhalen van andere rozenpluksters

Lees het verhaal van Dorcas Zvanyadza, rozenplukster in Zimbabwe
“Met een leefbaar loon zouden mijn kinderen en ik gevarieerder kunnen eten."

Lees het verhaal van Fatuma Murugi, rozensoorteerder in Kenia
"Met een leefbaar loon kan ik een veilige woning betalen."

Lees het verhaal van Elizabeth Winzinia, werkzaam op een bloemkwekerij in Zimbabwe:
"Met een leefbaar loon kan ik boeken voor mijn kinderen kopen."

Lees het verhaal van Mercy Njeri, rozenplukster in Kenia
"Met een leefbaar loon kan mijn zoon naar school."